2. Ketenbepaling

Hoe zit het met de aaneenschakeling van tijdelijke contracten? Per 1 juli 2015 is de ketenbepaling aangepast.

  • Per 1 juli 2015 mag een werknemer maximaal 3 contracten voor bepaalde tijd gedurende maximaal 2 jaar krijgen. In bepaalde gevallen mag hierop een uitzondering worden gemaakt als uit een cao blijkt dat “de intrinsieke aard van de bedrijfsvoering een verlenging vereist is”. In dat geval mogen er maximaal 6 contracten voor bepaalde tijd gedurende maximaal 4 jaar worden afgesloten;
  • Bij een onderbreking van meer dan 6 maanden begint de telling hiervan opnieuw. Van deze onderbrekingsperiode mag niet worden afgeweken, behalve wanneer het seizoensgebondenwerk betreft. Echter zijn hiervoor wel enkele voorwaarden van toepassing. Zie voor alle informatie over deze afwijking de site van UWV.

Sommige contracten tellen niet mee voor de ketenbepaling:

  • Arbeidsovereenkomsten in het kader van BBL-trajecten;
  • Arbeidsovereenkomsten met jongeren tot 18 jaar die een gemiddelde arbeidsomvang hebben van maximaal 12 uur per week.

Als in de cao nog iets anders staat, dan mag dit tot 1 juli 2016 worden toegepast.

ABU en NBBU cao

In de ABU cao staat de ketenregeling in fase B. Per 1 juli 2015 duurt fase B maximaal 4 jaar waarin maximaal 6 contracten mogen worden gegeven. Wanneer er een onderbreking is van meer dan zes maanden, begint de telling opnieuw bij het begin van fase A.

Overgangsregeling fase B: de 7e of 8e detacheringsovereenkomst voor bepaalde tijd van een uitzendkracht in fase B die is aangegaan vóór 1 juli 2015 eindigt van rechtswege op de in de detacheringsovereenkomst genoemde datum, mits deze datum is gelegen voor 1 juli 2016.

In de NBBU cao staat de ketenregeling in fase 3.  Per 1 juli 2015 bedraagt fase 3 maximaal 6 contracten in maximaal 4 jaar. Zodra er een onderbreking is van 26 weken of langer, wordt er een nieuwe uitzendovereenkomst aangegaan vanaf fase 1. 

Per 1 juli 2016 is in de NBBU cao de duur van fase 1 en fase 2 gewijzigd. De maximale termijn van 78 weken is gaan gelden (fase 1: 26 weken en fase 2: 52 weken). Binnen deze 78 weken kunnen overeenkomsten worden aangegaan met of zonder uitzendbeding. Tot 1 juli 2016 kon er dus nog 130 weken worden uitgezonden in fase 1 en 2. Hier leest u een aantal praktische cases die het overgangsrecht zullen verduidelijken.