Jeugd-LIV

Het jeugd-LIV is een nieuwe, jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers op grond van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl).

De nieuwe tegemoetkoming is er, omdat er met ingang van 1 juli 2017 een aantal onderdelen zijn veranderd in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag:
• Het reguliere wettelijke minimumloon gold tot 1 juli 2017 voor werknemers van 23 jaar en ouder. Vanaf
  1 juli 2017 geldt dat voor werknemers van 22 jaar en ouder.
• Het wettelijke minimumjeugdloon voor werknemers van 18, 19, 20 en 21 jaar stijgt doorgaans elk jaar op 1 juli en 1 januari.

Dat betekent extra loonkosten voor werkgevers.

Daarom krijgt u vanaf 1 januari 2018 het jeugd-LIV voor werknemers die aan de voorwaarden voldoen.

Wanneer bestaat er recht op het jeugd-LIV?

Er bestaat recht op het jeugd-LIV voor elke werknemer die voldoet aan 3 voorwaarden:

  1. De werknemer is verzekerd voor de werknemersverzekeringen (bijvoorbeeld WW);
  2. De werknemer heeft een gemiddeld uurloon* dat hoort bij het wettelijk minimumjeugdloon voor zijn leeftijd (de precieze bedragen voor de verschillende leeftijden moeten nog worden vastgesteld).
  3. De werknemer is op 31 december 2017 tussen de 18 en 22 jaar.

*Het gemiddelde uurloon is het loon uit tegenwoordige dienstbetrekking van een jaar gedeeld door het aantal verloonde uren in dat jaar.

Hoe hoog is het jeugd-LIV?

Als u recht hebt op jeugd-LIV, dan krijgt u van de Belastingdienst een bedrag per verloond uur. Dit verschilt per leeftijd. Wat verloonde uren zijn, kunt u lezen in paragraaf 26.4 van het Handboek Loonheffingen van de Belastingdienst. Hoeveel het voordeel is, hangt dus af van het aantal verloonde uren én de leeftijd van de werknemer. De leeftijd op 31 december bepaalt het bedrag dat u per verloond uur krijgt.

Leeftijd op 

31-12-2017

Jeugd-LIV per werknemer

per verloond uur

Maximale Jeugd-LIV

per werknemer per jaar

18 € 0,23 €    478,40
19 € 0,28 €    582,40
20 € 1,02 € 2.121,60
21 € 1,58 € 3.286,40

Wat moet u doen om het jeugd-LIV te krijgen?

Niets extra's. U moet goed aangifte loonheffingen doen over 2018. Apart aanvragen is niet nodig.

UWV beoordeelt op basis van de polisadministratie voor welke werknemers u recht heeft op het jeugd-LIV. 

De Belastingdienst betaalt het jeugd-LIV over 2018 automatisch in 2019 aan u uit. Het uitbetalen gaat als volgt:

  • U krijgt van UWV vóór 15 maart 2019 een voorlopige berekening van uw jeugd-LIV.
  • U kunt daarna tot en met 1 mei 2019 nog correcties indienen over 2018.
  • De Belastingdienst stuurt u dan voor 1 augustus 2019 de definitieve berekening van uw jeugd-LIV.
  • Uiterlijk 12 september 2019 betaalt de Belastingdienst uw jeugd-LIV uit. Dit wordt betaald aan u en niet aan de werknemer(s).

Wanneer u voor de werknemer ook recht hebt op een loonkostenvoordeel (LKV), dan betaalt de Belastingdienst u beide uit.

Dit is dus anders dan bij het LIV. Heeft u namelijk recht op het LIV en op een loonkostenvoordeel, dan krijgt u één van beide uitbetaald.

Meer details over het jeugd-LIV vindt u terug in hoofdstuk 26 van het Hanboek Loonheffingen van de Belastingdienst.